Hotel de Emauspoort voorkant aan het Vrouwenregt in DelftWoonwagen Mammaloe bij Hotel de Emauspoort DelftHotel de Emauspoort voorkant aan het Vrouwenregt in DelftKamer Abel Tasman bij Hotel de Emauspoort in DelftTrompetstraat Delft bij Hotel de EmauspoortVermeerblikken bij Hotel de Emauspoort in Delft

Algemene voorwaarden

Op alle reserveringen en diensten van Hotel de Emauspoort en Nieuw Grossat te Delft zijn de uniforme voorwaarden Horeca van toepassing. Hieronder kunt u deze lezen, voor de voorwaarden in PDF klik hier.

De Uniforme Voorwaarden Horeca (UVH) zijn de voor­waarden waarop in Nederland gevestigde horecabedrijven zoals hotels, restau­rants, cafés en aanverwante bedrijven (waaron­der ca­te­ringbe­drijven, party-servicebedrijven e.d.), hore­cadien­sten verlenen en horecaovereenkomsten sluiten. De UVH zijn gede­poneerd bij de Arrondissementsrechtbank en de Kamer van Koophandel en Fa­brieken te ‘s-Gravenhage.

Artikel 1 Definities
Onder de navolgende woorden wordt in de UVH, en in de aanbiedin­gen en overeenkomsten waarop de UVH van toepassing zijn, telkens het na­vol­gende verstaan.

1.1 Horecabedrijf
De natuurlijke- of rechtspersoon of vennootschap die zijn bedrijf maakt van het verlenen van horecadiensten en lid is van Koninklijk Horeca Neder­land.

1.2 Gastheer
Degene die een horecabedrijf vertegenwoordigt bij het afsluiten en uitvoeren van horecaovereenkomsten.

1.3 Verlenen van horecadiensten
Het door een horecabedrijf verstrekken van logies en/of spijs en/of drank en/of het ter beschikking stellen van (zaal)ruimte en/of terreinen, alles met alle daarbij beho­rende werkzaamheden en diensten, en alles in de ruimste zin des woords.

1.4 Klant
De natuurlijke- of rechtspersoon of vennootschap die met een horeca­be­drijf een horecaovereenkomst heeft gesloten.

1.5 Gast
De natuurlijke perso(o)n(en) aan wie op grond van een met de klant ge­slo­ten horecaovereenkomst één of meer horeca­dienst(en) moet wor­den verleend. Waar in de UVH van gast, of klant, wordt ge­sproken, wordt zowel gast als klant bedoeld tenzij uit de inhoud van de bepaling en haar strek­king nood­zake­lijkerwij­ze voortvloeit dat slechts één van beide bedoeld kan zijn.

1.6 Horecaovereenkomst
Een overeenkomst tussen een horecabedrijf en een klant terzake een of meer door het horecabedrijf te verle­nen ho­reca­diensten tegen een door de klant te betalen prijs. In plaats van de term horecaovereen­komst wordt soms de term reservering gebruikt.

1.7 Hotelbedrijf
Het horecabedrijf waarbij het verlenen van horeca­dien­sten voorname­lijk dan wel uitsluitend bestaat uit het verstrek­ken van logies.

1.8 Restaurantbedrijf
Het horecabedrijf waarbij het verlenen van horeca­dien­sten voor­namelijk dan wel uitsluitend bestaat uit het verstrek­ken van spijs en bijbehorende drank.

1.9 Cafébedrijf
Het horecabedrijf waarbij het verlenen van horeca­dien­sten voor­namelijk dan wel uitsluitend bestaat uit het verstrek­ken van drank.

1.10 Zaalverhuurbedrijf
Het horecabedrijf waarbij het verlenen van horecadien­sten voornamelijk dan wel uitsluitend bestaat uit het ter be­schikking stellen van zaalruimte.

1.11 Reserveringswaarde (de waarde van de horecaovereen­­­­komst)
De totale omzetverwachting van het horecabedrijf in­clu­sief bedieningsgeld, (toeristenbelasting) en b.t.w. terzake een met een klant gesloten horeca­overeen­komst, welke ver­wach­ting is ge­baseerd op de binnen dat horecabedrijf geldende gemid­delden.

1.12 Koninklijk Horeca Nederland
Het Koninklijk Verbond van Ondernemers in het Hore­ca- en Aanverwante Bedrijf “Horeca Nederland” c.q. de eventuele rechtsopvolger daarvan.

1.13 Annulering
De in schriftelijke vorm door de klant aan het hore­ca­be­drijf gedane mededeling dat van een of meer over­een­ge­komen horecadiensten geheel of gedeeltelijk geen ge­bruik zal worden gemaakt, dan wel de in schriftelijke vorm door het horecabedrijf aan de klant gedane mede­deling dat een of meer overeengeko­men horecadiensten geheel of gedeeltelijk niet ver­strekt zullen worden.

1.14 No-show
Het zonder annulering niet gebruik maken door een gast van een op grond van een horecaovereenkomst te ver­strekken ho­recadienst.

1.15 Groep
Een groep van 10 of meer personen aan wie door een ho­reca­bedrijf een of meer horecadiensten moeten wor­den verleend krachtens een of meer als samenhangend te be­schouwen horecaovereenkomsten.

1.16 Individu
Iedere persoon die niet behoort tot een groep volgens bovengenoemde definitie.

1.17 Goederen
Alle goederen, daaronder begrepen gelden, geldswaar­den en geldswaardige papieren.

1.18 Kurkengeld
Het bedrag verschuldigd terzake het in de ruimten van een horecabedrijf nuttigen van niet door dat horecabe­drijf verstrekte drank.

1.19 Keukengeld
Het bedrag verschuldigd terzake het in de ruimten van een horecabedrijf nuttigen van niet door dat horecabe­drijf verstrekte spijzen.

1.20 Omzetgarantie
Een schriftelijke verklaring van de klant dat terzake één of meer horecaovereenkomsten door het horecabe­drijf minimaal een bepaald bedrag aan omzet zal worden gerealiseerd.

Artikeltitels dienen uitsluitend ter referentie. Er kunnen geen rechten aan worden ontleend.

Artikel 2 Toepasselijkheid

2.1 De UVH zijn met uitsluiting van alle andere algemene voor­waar­den van toepas­sing op de totstandko­ming en de inhoud van alle ho­reca­overeen­komsten, alsmede op alle aan­bie­dingen terzake de tot­standko­ming van deze horecaovereenkomsten. Indien daarnaast toch andere alge­mene voorwaar­den van toepas­sing zijn prevaleren in geval van te­genstrijdigheid de UVH.

2.2 Afwijken van de UVH is slechts mogelijk bij ge­schrifte en van geval tot geval.

2.3 De UVH strekken mede ten behoeve van alle natuurlij­ke- en rechtspersonen waarvan het horecabe­drijf ge­bruik maakt of heeft ge­maakt bij het sluiten en/of uitvoeren van een horecaovereenkomst of een an­dere overeenkomst of bij het exploiteren van het hore­cabe­drijf.

2.4 Zijn de UVH eenmaal rechtsgeldig toepasselijk ver­klaard op een bepaalde horecaover­een­komst, dan wordt de laatst geldende versie van de UVH toepasse­lijk geacht op alle volgende horecaovereenkomsten tussen dezelfde partijen, tenzij schriftelijk anders overeen­gekomen.

Artikel 3 Totstandkoming van horecaovereenkomsten

3.1 Een horecabedrijf kan te allen tijde om welke reden dan ook het sluiten van een horecaovereenkomst wei­geren, behoudens indien een zodanige weigering ge­schiedt lou­ter op één of meer gronden vermeld in arti­kel 429 qua­ter Wetboek van Strafrecht (discrimi­natie).

3.2 Alle door een horecabedrijf gedane aanbiedingen ter­zake de totstandkoming van een horecaovereenkomst zijn vrijblijvend en onder het voorbehoud “zolang de voor­raad (c.q. capaciteit) strekt”. Doet het horeca­bedrijf binnen een naar gelang de omstandigheden te bepalen redelijke termijn na aanvaarding door de klant een be­roep op bedoeld voorbehoud dan wordt de beoogde horeca­overeenkomst geacht niet te zijn tot stand gekomen.

3.3 Wanneer het horecabedrijf aan de klant (optiehouder) een op­tierecht heeft toegekend kan dit recht niet wor­den herroepen, behoudens indien en voorzo­ver een ande­re potentiële klant het horecabe­drijf een aanbod doet tot het sluiten van een horeca­over­eenkomst terzake het totaal of een gedeelte van de in optie uitstaande hore­ca­diensten. De optiehouder dient als­dan door het horecabedrijf van dit aanbod op de hoogte te worden ge­bracht, waarna de optiehouder te kennen dient te geven al dan niet van het optierecht gebruik te willen maken. Indien de optiehouder niet te kennen geeft gebruik te willen maken van het op­tierecht vervalt het op­tie­recht. Een optierecht kan alleen schriftelijk verleend worden.

3.4 Horecaovereenkomsten voor (een) gast(en) aangegaan door tussenper­sonen (car­gadoors, reisbureaus, andere horecabe­drijven e.d.), al dan niet in naam van hun relatie(s), worden ge­acht mede voor rekening en ri­sico van deze tussen­personen te zijn gesloten. Het horeca­bedrijf is aan tussenpersonen geen commissie of provi­sie, hoe ook genaamd, verschuldigd, tenzij schrifte­lijk uitdruk­kelijk anders overeengekomen. Gehele of gedeeltelij­ke betaling van het ver­schul­digde door de gast zal de tussenpersoon in dezelfde mate bevrij­den.

Artikel 4 Algemene verplichtingen van het horecabedrijf

4.1 De in dit artikel genoemde verplichtingen gelden voor ieder horecabedrijf. Alle verplichtingen wel­ke voort­vloeien uit het speciale karakter van het hore­cabe­drijf en de aard van de te verrichten ho­reca­dien­sten zijn opgenomen in de hiernavol­gende ar­tike­len.

4.2 In het geval dat de speciale regeling als be­doeld in de artikelen 5 e.v. afwijkt van een algemene bepaling in de artikelleden 4.3 t/m 4.7 geldt de spe­ciale rege­ling.

4.3 Het horecabedrijf is, onverminderd het bepaalde in de hiernavolgende ar­tikelen, krachtens de horecaovereenkomst ver­plicht op de overeengekomen tijdstippen de overeen­gekomen horeca­diensten te verlenen op de in dat hore­ca­bedrijf ge­bruikelijke wijze.

4.4 De in artikel 4.3 genoemde verplichting geldt niet:
a. in geval van overmacht aan de zijde van het hore­ca­bedrijf als bedoeld in artikel 15;
b. indien de gast niet of meer dan een half uur te laat ver­schijnt;
c. indien de klant de in artikel 10 bedoelde waar­borgsom/tus­sentijdse betaling niet tijdig vol­doet;
d. indien de klant, ondanks een daartoe strekkend ver­zoek, niet tijdig een omzet­garantie af­geeft;
e. indien de klant op enige andere wijze niet vol­ledig voldoet aan al zijn ver­plichtingen welke hij uit welken hoofde ook jegens het horecabe­drijf heeft.

4.5 Het horecabedrijf is niet gehouden enig goed van de gast in ontvangst en/of in bewaring te nemen.

4.6 Indien het horecabedrijf voor het in ontvangst en/of in bewaring nemen van goederen enig bedrag aan de gast in reke­ning brengt, dient het horecabedrijf op die goede­ren te letten als een goed huisvader, on­ver­min­derd het bepaalde in artikel 12.

4.7 Het horecabedrijf is nimmer verplicht enig huis­dier van de gast toe te laten en kan aan toelating voor­waarden verbinden.

Artikel 5 Verplichtingen van het hotelbedrijf

5.1 Het hotelbedrijf is gehouden aan de gast gedurende de over­een­gekomen periode accommodatie ter beschikking te stel­len van de binnen zijn hotel gebruikelijke kwa­li­teit, zulks met inachtneming van het bepaalde in het derde lid.

5.2 Het hotelbedrijf is tevens gehouden de daarbij beho­rende, in zijn hotel gebruikelijke horecadiensten te kunnen verlenen en de aldaar gebrui­kelijke facilitei­ten te kun­nen verschaffen.

5.3 De accommodatie dient ter beschikking van de gast te zijn van 14.00 uur op de dag van aankomst tot 12.00 uur op de dag van vertrek.

5.4 Het hotelbedrijf dient op een duidelijk waarneembare plaats de huis­regels voor de gast ter kennisneming op te hangen dan wel aan te brengen dan wel neer te leg­gen, of de huisregels in geschrift aan de gast ter hand te stellen. De gast is gehouden de huisregels na te leven.

5.5 Het hotelbedrijf is gerechtigd op ieder moment zonder opzegtermijn het verstrekken van horecadiensten aan een gast te beëindigen wanneer de gast de huisregels bij her­haling overtreedt, danwel zich anderszins zoda­nig gedraagt dat de orde en de rust in het horecabe­drijf en/of de normale exploi­tatie daarvan kan wor­den of wordt verstoord. De gast dient alsdan op eer­ste ver­zoek het hotel te verlaten. Het hotelbedrijf mag zijn onderhavige bevoegdheid slechts uitoefenen indien de aard en de ernst van de door de gast begane over­tredingen daartoe naar het redelijk oordeel van het hotelbedrijf voldoende aanleiding geven.

5.6 Tenzij anders is overeengekomen is het hotelbedrijf ge­rechtigd om de reservering als vervallen te be­schou­wen wanneer de gast zich niet op de eerste ge­reser­veer­de dag om 18.00 uur bij hem heeft gemeld, onver­minderd het bepaalde in artikel 9.

5.7 Het hotelbedrijf is gerechtigd om van de gast te ver­lan­gen dat deze genoegen neemt met andere accommoda­tie dan volgens de horecaovereenkomst ter beschikking gesteld zou moe­ten wor­den, behoudens indien een derge­lij­ke wens als evi­dent onbil­lijk en voor de gast als klaarblijke­lijk te be­zwaarlijk moet worden beschouwd. De gast/klant heeft in dat laatste geval het recht om met onmiddellijke in­gang de horecaovereenkomst waar­op voormelde wens van het horecabe­drijf betrekking heeft te beëin­di­gen, onver­minderd zijn verplichtin­gen uit hoofde van andere horecaovereenkomsten. De gast en/of klant heeft, indien het horecabe­drijf zich uitgaven bespaart door op de voet van het voorgaande andere accommodatie ter beschikking te stellen dan volgens de horecaovereenkomst ter beschikking gesteld zou moeten worden, recht op het be­drag van die besparing. Voor het ove­rige zal het ho­recabe­drijf nimmer tot enige schade­vergoeding gehou­den zijn.

Artikel 6 Verplichtingen van het restaurantbedrijf

6.1 Het restaurantbedrijf is verplicht op het overeengeko­men tijdstip aan de gast de overeen-gekomen facilitei­ten ter beschikking te stellen en de overeengekomen spijzen en dranken te verstrekken van een hoeveelheid, kwaliteit en op een wijze als in zijn restaurant ge­bruikelijk is.

6.2 Indien geen spijzen of dranken van tevoren zijn over­eengekomen dan verstrekt het restaurantbedrijf op ver­zoek datgene van de spijzen en dranken die het op dat moment kan verstrekken, onverminderd het overige in artikel 6.1 be­paalde.

6.3 Het restaurantbedrijf is gerechtigd om het verlenen van horeca­diensten achterwege te laten dan wel op ieder moment te staken indien de gast zich niet ge­draagt als overeen­komt met de stand en de exploitatie van zijn restaurant. Het resta­uran­tbedrijf kan onder meer eisen stellen met betrekking tot het uiter­lijk van de gast. De gast dient op eerste ver­zoek het res­taurant te ver­la­ten.

6.4 Indien de gast niet binnen een half uur na het gere­ser­veerde tijdstip is gearriveerd kan het restaurant­be­drijf de reservering als geannu­leerd beschouwen, on­vermin­derd het bepaalde in artikel 9.

Artikel 7 Verplichtingen van het cafébedrijf

7.1 Het cafébedrijf is gehouden om aan de gast op verzoek de dranken te verstrekken welke het in voorraad heeft. Daarnaast dient het cafébedrijf de in zijn be­drijf ge­bruikelijke horecadiensten te kunnen verlenen.

7.2 Het cafébedrijf is gerechtigd om het verlenen van ho­reca­diensten achterwege te laten dan wel op ieder moment te staken indien de gast zich niet gedraagt als overeen­komt met de stand en de ex­ploitatie van zijn café. Het cafébedrijf kan onder meer eisen stellen met betrekking tot het uiterlijk van de gast. De gast dient op eerste verzoek het café te verlaten.

Artikel 8 Verplichtingen van het horecabedrijf terzake zaal­verhuur

8.1 Het horecabedrijf is gerechtigd om een andere ruimte ter beschikking te stellen dan volgens de horeca­- over­eenkomst zou moeten geschieden, behoudens indien zulks als evident onbillijk en voor de gast als klaar­blij­kelijk te bezwaarlijk moet worden beschouwd. De gast/­klant heeft in dat laatste geval het recht om met onmid­dellijke ingang de horecaovereenkomst waarop voormel­de wens van het horeca­bedrijf betrekking heeft te beëindi­gen, onver­minderd zijn verplichtin­gen uit hoof­de van andere horecaovereenkomsten. De gast en/of klant heeft, indien het hore­cabedrijf zich uitgaven bespaart door op de voet van het voorgaande een andere ruimte ter beschikking te stellen dan volgens de horecaovereenkomst zou moeten geschieden, recht op het bedrag van die besparing. Voor het overige zal het horecabedrijf nimmer tot enige schadevergoe­ding gehou­den zijn.

Het horecabedrijf is voorts gehouden de bij hem ge­bruikelijke ho-recadiensten aan de gas­ten te kunnen ver­lenen.

8.3 Het horecabedrijf is gerechtigd om het verlenen van horeca­diensten achterwege te laten dan wel op ieder moment te staken indien de gast zich niet gedraagt als overeen­komt met de stand en de exploita­tie van zijn horecabedrijf. Het horecabe­drijf kan onder meer eisen stellen met be­trekking tot het uiterlijk van de gast. De gast dient op eerste ver­zoek het horecabe­drijf te verlaten.

8.4 Het horecabedrijf is na overleg met het ter plaatse bevoegd gezag gerechtigd de horecaovereenkomst we­gens gegronde vrees voor verstoring van de openbare orde te ontbinden. Maakt het horecabedrijf van deze be­voegdheid gebruik, dan zal het horecabedrijf tot geen enkele schadevergoeding gehouden zijn.
Artikel 9 Annuleringen

9.1 Annulering door klanten, algemeen

9.1.1 De klant is niet bevoegd een horecaovereenkomst te annuleren, tenzij hij tegelijkertijd onherroe­pelijk aanbiedt de hierna bepaalde bedragen te betalen. Iede­re annulering wordt geacht een dergelijk aanbod te omvatten. Een dergelijk aanbod wordt geacht te zijn aanvaard in­dien het horecabedrijf het aanbod niet onverwijld verwerpt. Annulering dient schrifte­lijk en gedateerd te geschieden. Aan een mondelinge annulering kan de klant geen rechten ontlenen. Het bepaalde in artikel 9 geldt onverminderd het bepaal­de in andere artikelen.

9.1.2 Het horecabedrijf kan uiterlijk één maand voordat de eerste horecadienst op grond van de desbetreffende horecaovereenkomst zal moeten worden verricht aan de klant verklaren bepaalde individuen te zullen be­schou­wen als groep. Op die personen zijn alsdan alle bepa­lin­gen voor groepen van toepassing.

9.1.3 Het bepaalde in de artikelen 13.1 en 14.6 is ook op an­nulerin­gen van toepas­sing.

9.1.4 Ingeval van no-show zal de klant in alle gevallen verplicht zijn de reserveringswaarde te betalen.

9.1.5 Indien niet alle overeengekomen horecadiensten wor­den geannu­leerd zijn op de geannuleerde horeca­dien­sten onderstaande be­palingen pro rata van toe­pas­sing.

9.1.6 Indien een of meer overeengekomen horecadiensten ge­heel of ge­deeltelijk worden geannuleerd, worden de termijnen in de na­vol­gende artike­len vermeerderd met 4 maanden indien de reserveringswaarde van de geannuleerde horecadienst(en) meer bedraagt dan de op overeenkomstige wijze berekende waarde van de overige horecadiensten die het horecabedrijf had kunnen verle­nen in het tijdsbestek waarin de geannuleerde horeca­diensten verleend hadden moeten worden.

9.1.7 Bedragen die het horecabedrijf met het oog op de gean­nuleerde horecaovereenkomst ten tijde van de annule­ring reeds aan derden verschuldigd is geworden dienen door de klant te allen tijde volledig aan het horeca­bedrijf te worden vergoed, mits het horecabedrijf niet onredelijk gehandeld heeft door de betreffende ver­plichtingen aan te gaan. De betreffende be­dragen strekken in mindering op de in de navolgende bepalin­gen bedoelde reserveringswaarde.

9.2 Annulering van hotelaccommodatie/logies

9.2.1 Groepen
Wanneer een reservering voor uitsluitend hotelaccommo­da­tie, al dan niet met ontbijt, is gemaakt voor een groep dan geldt voor annule­ring van die reserve­ring het navolgende.
a. Bij annulering meer dan 3 maanden voor het tijd­stip waar­op krachtens de horecaovereenkomst de eerste horecadienst zal moeten wor­den verleend, nader te noemen: “de in­gangs­datum”, is de klant niet gehouden enige ver­goeding aan het hotelbe­drijf te betalen.
b. Bij annulering meer dan 2 maanden voor de in­gangsdatum is de klant gehouden 15% van de reser­veringswaarde aan het hotelbedrijf te betalen.
c. Bij annulering meer dan 1 maand voor de in­gangs­datum is de klant gehouden 35% van de reserve­ringswaarde aan het hotelbedrijf te betalen.
d. Bij annulering meer dan 14 dagen voor de in­gangs­datum is de klant gehouden 60% van de reserve­ringswaarde aan het hotelbedrijf te betalen.
e. Bij annulering meer dan 7 dagen voor de in­gangs­datum is de klant gehouden 85% van de reserve­ringswaarde aan het hotelbedrijf te betalen.
f. Bij annulering 7 dagen of minder voor de in­gangsdatum is de klant gehouden 100% van de re­serveringswaarde aan het hote­lbedrijf te betalen.

9.2.2 Individuen
Wanneer een reservering voor uitsluitend hotelaccommo­datie, al dan niet met ontbijt, is gemaakt voor één of meer individuen geldt voor annu­lering van die re­serve­ring het navolgende
a. Bij annulering meer dan 1 maand voor de in­gangs­datum is de klant niet gehouden enig bedrag aan het hotelbedrijf te betalen.
b. Bij annulering meer dan 14 dagen voor de in­gangs­datum is de klant gehouden 15% van de reserve­ringswaarde aan het hotelbedrijf te betalen.
c. Bij annulering meer dan 7 dagen voor de in­gangs­datum is de klant gehouden 35% van de reserve­ringswaarde aan het hotelbedrijf te betalen.
d. Bij annulering meer dan 3 dagen voor de in­gangs­datum is de klant gehouden 60% van de reserve­ringswaarde aan het hotelbedrijf te betalen.
e. Bij annulering meer dan 24 uur voor de in­gangs­datum is de klant gehouden 85% van de reserve­ringswaarde aan het hotelbedrijf te betalen.
f. Bij annulering 24 uur of minder voor de in­gangs­datum is de klant gehouden 100% van de reserve­ringswaarde aan het hotelbedrijf te betalen.

9.3 Annulering van restaurant/tafelreservering

9.3.1 Groepen
Wanneer een reservering voor uitsluitend een restau­rant (tafel­reservering) is gemaakt voor een groep dan geldt voor annulering van die reservering het navol­gen­de:
1. indien een menu is overeengekomen:
a. bij annulering meer dan 14 dagen voor het gereser­veerde tijdstip zal geen ver­goeding verschuldigd zijn;
b. bij annulering 14 dagen of minder doch meer dan 7 dagen voor het gereserveerde tijdstip zal de klant 25% van de reserve­ringswaarde verschuldigd zijn;
c. bij annulering 7 dagen of minder voor het gere­ser­veerde tijdstip zal de klant 50% van de reserve­rings­waarde verschul­digd zijn.
d. bij annulering 3 dagen of minder voor het gereserveerde tijdstip zal de klant 75% van de reserveringswaarde verschuldigd zijn.
2. indien geen menu is overeengekomen:
a. bij annulering meer dan tweemaal 24 uur voor het ge­reserveerde tijdstip zal geen vergoeding ver­schuldigd zijn;
b. bij annulering tweemaal 24 uur of minder voor het ge­reserveerde tijdstip zal de klant 50% van de reserve­rings­waarde ver­schuldigd zijn.

9.3.2 Individuen
Wanneer een reservering voor uitsluitend een restau­rant (tafel­reservering) is gemaakt voor één of meer indivi­duen dan geldt voor annu­lering van die reserve­ring het navolgende:
1. indien een menu is overeengekomen:
a. bij annulering meer dan viermaal 24 uur voor het ge­reserveerde tijdstip zal geen vergoeding ver­schuldigd zijn;
b. bij annulering viermaal 24 uur of minder voor het ge­reserveerde tijdstip zal 50% van de reserveringswaarde verschul­digd zijn.
2. indien geen menu is overeengekomen:
a. bij annulering meer dan tweemaal 24 uur voor het gereserveerde tijdstip zal geen vergoeding verschuldigd zijn;
b. bij annulering tweemaal 24 uur of minder voor het ge­reserveerde tijdstip zal de klant 50% van de reserve­rings­waarde ver­schuldigd zijn.

9.4 Annulering andere horecaovereenkomsten.

9.4.1 Voor annulering van alle reserveringen niet val­lende onder de artikelen 9.2 en 9.3 zal het navolgen­de gel­den.

9.4.2 Wanneer een reservering is gemaakt voor een groep dan geldt voor annulering van die reservering het navol­gende.
a. Bij annulering meer dan 6 maanden voor het tijd­stip waarop krachtens de desbetreffende hore­ca­overeenkomst de eerste horecadienst zou moeten worden verleend is de klant niet gehouden enige vergoeding aan het horecabedrijf te betalen.
b. Bij annulering meer dan 3 maanden voor bedoeld tijdstip is de klant gehouden 10% van de reserve­ringswaarde aan het horecabedrijf te betalen.
c. Bij annulering meer dan 2 maanden voor be­doeld tijd­stip is de klant gehouden 15% van de reserve­ringswaar­de aan het horecabedrijf te betalen.
d. Bij annulering meer dan 1 maand voor be­doeld tijdstip is de klant gehouden 35% van de reserve­rings­waarde aan het horecabedrijf te betalen.
e. Bij annulering meer dan 14 dagen voor bedoeld tijdstip is de klant gehouden 60% van de re­serve­ringswaarde aan het horecabedrijf te betalen.
f. Bij annulering meer dan 7 dagen voor bedoeld tijdstip is de klant gehouden 85% van de re­serve­ringswaarde aan het horecabedrijf te betalen.
g. Bij annulering 7 dagen of minder voor be­doeld tijdstip is de klant gehouden 100% van de reser­veringswaarde aan het horecabe­drijf te betalen.

9.4.3 Wanneer een reservering is gemaakt voor één of meer individuen geldt voor annulering van die reserve­ring het navolgende.
a. Bij annulering meer dan 1 maand voor het tijdstip waarop krachtens de desbetreffende horecaovereen­komst de eerste horecadienst zou moeten worden verleend is de klant niet gehouden enige vergoe­ding aan het horecabedrijf te betalen.
b. Bij annulering meer dan 14 dagen voor bedoeld tijdstip is de klant gehouden 15% van de reserve­ringswaarde aan het horecabedrijf te betalen.
c. Bij annulering meer dan 7 dagen voor bedoeld tijdstip is de klant gehouden 35% van de reserve­ringswaarde aan het horecabedrijf te betalen.
d. Bij annulering meer dan 3 dagen voor bedoeld tijdstip is de klant gehouden 60% van de reserve­ringswaarde aan het horecabedrijf te betalen.
e. Bij annulering meer dan 24 uur voor bedoeld tijd­stip is de klant gehouden 85% van de reserve­rings­waarde aan het horecabedrijf te betalen.
f. Bij annulering 24 uur of minder voor bedoeld tijdstip is de klant gehouden100% van de re­ser­veringswaarde aan het horecabedrijf te beta­len.

9.5 Annulering door het horecabedrijf

9.5.1 Het horecabedrijf is met inachtneming van het navol­gende bevoegd een horecaovereenkomst te annuleren, tenzij de klant binnen zeven dagen na het sluiten van de betreffende horecaovereenkomst schriftelijk te kennen heeft gegeven te verlangen dat het horeca­be­drijf afstand doet van zijn annuleringsbevoegd­heid, mits de klant daarbij tevens ondubbelzinnig te kennen heeft gegeven afstand te doen van zijn eigen annule­ringsbevoegdheid.

9.5.2 Indien het horecabedrijf een horecaovereenkomst tot het verstrekken van spijs en bijbehorende drank an­nuleert zijn de artikelen 9.1.1 en 9.3.2 van over­een­komstige toepassing, met verwisseling van klant en horeca­be­drijf.

9.5.3 Indien het horecabedrijf een andere horecaovereenkomst dan bedoeld in artikel 9.5.2 annuleert zijn de artikelen 9.1.1 en 9.2.2 van overeenkomstige toepas­sing, met verwisseling van klant en horecabedrijf.

9.5.4 Het horecabedrijf is te allen tijde bevoegd een hore­caovereenkomst te annuleren zonder tot betaling van de hierboven bedoelde be­dragen gehouden te zijn, in­dien er voldoen­de aanwijzingen bestaan dat de op grond van die horecaovereenkomst in het horecabedrijf te houden bijeenkomst een zodanig ander karakter heeft dan verwacht mocht worden op grond van aankondiging door de klant of op grond van de hoedanigheid van klant of gas­ten, dat het horecabedrijf de overeenkomst niet gesloten zou hebben indien het van het werkelijke karakter van de bijeenkomst op de hoogte was geweest. Maakt het horecabe­drijf van deze bevoegdheid gebruik nadat de betreffende bijeenkomst begonnen is, dan is de klant gehouden tot betaling van de tot dat tijdstip genoten horecadiensten, doch vervalt zijn betalings­verplichting voor het overige. De vergoeding voor genoten horeca­diensten wordt in voorkomend geval naar tijdsevenredigheid berekend.

9.5.5 Het horecabedrijf is gerechtigd om, in plaats van zijn in artikel 9.5.4 bedoelde bevoegdheid uit te oefenen, nadere eisen te stellen ten aanzien van het verloop van de betreffende bijeenkomst. Indien er voldoen­de aanwijzingen bestaan dat deze eisen niet (zullen) worden nageleefd, is het horecabe­drijf alsnog gerech­tigd zijn in artikel 9.5.4 bedoelde bevoegdheid uit te oefenen.

9.5.6 Indien en voor zover het horecabedrijf tevens optreedt als reisorganisator in de zin van de wet geldt met betrekking tot reisovereenkomsten in de zin van de wet het volgende. Het horecabedrijf mag de reisovereen­komst op een wezenlijk punt wijzigen wegens gewichti­ge, de reiziger onverwijld medegedeelde omstandighe­den. Het horecabedrijf mag de reisovereenkomst ook anders dan op een wezenlijk punt wijzigen wegens ge­wichtige, de reiziger onverwijld medegedeelde omstan­digheden. Tot twintig dagen voor de aanvang van de reis mag het horecabedrijf de reissom verhogen in verband met wijzigingen in de vervoerskosten met inbe­grip van brandstofkosten, de verschuldigde heffingen of de toepasselijke wisselkoersen. Indien de reiziger een wijziging als hiervoor bedoeld afwijst kan het horecabedrijf de reisovereenkomst opzeggen.

Artikel 10 Waarborgsom en tussentijdse betaling

10.1 Het horecabedrijf kan te allen tijde van de klant ver­langen dat deze onder het horecabedrijf depo­neert of doet depone­ren een waarborgsom ter hoogte van maximaal de reserveringswaarde minus eventuele reeds verrichte tussentijdse betalingen. Ontvangen waar­borgsommen worden deugdelijk geadministreerd, dienen uitsluitend tot zekerheid voor het horecabedrijf en gelden uit­drukkelijk niet als reeds gerealiseerde omzet.

10.2 Het horecabedrijf kan telkens tussentijds betaling ver­langen van inmiddels verleende horecadiensten.

10.3 Het horecabedrijf mag zich verhalen op het ingevolge de voorgaande bepalingen gedeponeerde bedrag terzake al datge­ne wat de klant uit welken hoofde ook aan hem verschul­digd is. Het overschot dient door het horeca­bedrijf onverwijld aan de klant te worden terugbe­taald.

Artikel 11 Omzetgarantie

11.1 Indien een omzetgarantie is afgegeven is de klant verplicht terzake de betreffende horecaovereen­komst(en) tenminste het in de omzetgarantie bepaalde bedrag aan het horecabedrijf te betalen.

Artikel 12 Aansprakelijkheid van het horecabedrijf

12.1 De uitsluiting van aansprakelijkheid in dit artikel geldt niet voor zover het horecabedrijf terzake het risico dat zich heeft gerealiseerd van een verzeke­rings­maat­schappij of van een andere derde een ver­goe­ding heeft ontvangen.

12.2 Onverminderd het bepaalde in artikel 4.6 is het h­otel­bedrijf niet aansprake­lijk voor beschadi­ging of ver­lies van goederen, die in het hotel zijn meege­bracht door een gast die daar zijn intrek heeft ge­nomen. De klant vrijwaart het hotelbedrijf tegen aan­spraken van gasten terzake. Het hier bepaalde geldt niet voor­zover de beschadiging of het verlies te wijten is aan opzet of grove schuld van het hote­lbedrijf.

12.3 Onverminderd het bepaalde in de artikelen 12.7 en 12.8 is het ho­reca­bedrijf nimmer aansprakelijk voor welke schade dan ook door de klant, de gast en/of derden geleden tenzij de schade het directe gevolg is van opzet of grove schuld van het horeca­bedrijf. Deze uitsluiting van aansprakelijkheid geldt in het bijzon­der ook voor schade ontstaan als gevolg van het nutti­gen van door het horecabedrijf bereide of geser­veerde levensmidde­len en voor schade ontstaan als gevolg van automatiseringsproblemen. Indien dwingend recht slechts een minder vergaande beperking van aansprakelijkheid toe­laat geldt die minder vergaande beperking.

12.4 In geen enkel geval is het horecabedrijf gehouden een hoger bedrag aan schaderegeling te betalen dan:
1. de reserveringswaarde of, indien dat meer is.
2a. het door de verzekeraar van het horecabedrijf aan het horecabedrijf terzake de schade uit­betaalde bedrag, dan wel;
2b. de terzake de schade van een andere derde verkregen vergoeding.

12.5 Voor schade aan of met voertuigen van de gast ver­oor­zaakt is het horecabedrijf nimmer aansprake­lijk behou­dens indien en voor zover de schade het recht­streeks gevolg is van opzet of grove schuld van het horeca­bedrijf.

12.6 Het horecabedrijf is nimmer aansprakelijk voor scha­de direct of indirect aan wie of wat ook ontstaan als direct of indirect gevolg van enig gebrek of enige hoe­da­nigheid of omstandigheid aan, in of op enig roe­rend of onroerend goed waarvan het horecabe­drijf hou­der, (erf)pachter, huurder dan wel eige­naar is of dat an­derszins ter beschik­king van het horecabedrijf staat, behoudens indien en voor zover de schade het recht­streeks gevolg is van opzet of grove schuld van het horecabedrijf.

12.7 Indien voor de gast aan de in bewaring gegeven goe­deren, waarvoor een vergoeding als bedoeld in arti­kel 4.6 in rekening wordt gebracht, schade ontstaat is het horeca­bedrijf verplicht de schade aan deze goe­deren tengevol­ge van beschadi­ging of ver­missing te vergoe­den. Schadevergoeding is nimmer verschul­digd terzake in de afgegeven goederen aan­wezige an­dere goederen.

12.8 Indien het horecabedrijf goederen in ont­vangst neemt of indien goede­ren op welke wijze dan ook waar dan ook door wie dan ook worden gedeponeerd, bewaard en/of achtergelaten zonder dat het hore­ca­bedrijf daarvoor enige vergoeding bedingt, dan is het hore­cabedrijf nim­mer aanspra­kelijk voor schade aan of in verband met die goederen op welke wijze dan ook ontstaan tenzij het horeca­bedrijf op­zettelijk deze schade heeft toe­ge­bracht, of de schade het gevolg is van grove schuld van het horecabedrijf.

12.9 De klant (niet zijnde een natuurlijk persoon, die niet handelt in de uitoefening van een beroep of bedrijf) vrijwaart het horecabedrijf volledig ter­zake iedere aanspraak, hoe ook genaamd, welke de gast en/of enige derde jegens het horecabedrijf mocht geldend maken, in­dien en voor zover deze aan­spraak in de ruimste zin ver­band kan houden met eni­ge door het horecabedrijf krach­tens enige overeen­komst met de klant te verlenen of verleende (horeca)dienst dan wel met de accommo­datie waarin een zoda­nige (horeca)dienst werd verleend of moest worden verleend.

12.10 De in artikel 12.9 bedoelde vrijwaringsverplichting geldt ook indien de horecaovereenkomst met de klant en/of de gast geheel of ge­deeltelijk om welke reden dan ook is ontbonden.

Artikel 13 Aansprakelijkheid van de gast en/of klant

13.1 De klant en de gast en degenen die hem vergezellen zijn hoof­delijk aansprakelijk voor alle schade die voor het horecabe­drijf en/of enige derde is en/of zal ontstaan als direct of indirect gevolg van wan­presta­tie (toerekenbare tekortkoming) en/of onrecht­matige daad, waaronder over­tre­ding van de huisregels is be­grepen, begaan door de klant en/of de gast en/of dege­nen die hem ver­gezel­len, alsmede voor alle schade die is veroorzaakt door enig dier en/of enige stof en/of eni­ge zaak waarvan zij hou­der zijn of die onder hun toe­zicht staan.

Artikel 14 Afrekening en betaling

14.1 De klant is de in de horecaovereenkomst bepaalde prijs verschuldigd dan wel, voor zover de horecaovereenkomst werd gesloten meer dan drie maanden voor het tijdstip waarop de ingevolge die overeen­komst te ver­richten ho­recadiensten verleend moeten worden, de prijzen welke gelden op het moment dat de horeca­dienst(en) (moet(en)) wordt(den) ver­leend, waaronder tevens worden ver­staan de prijzen als ver­meld op lijs­ten welke door het horeca­bedrijf op een voor de gast zichtbare plaats zijn aan­gebracht dan­wel zijn opgeno­men in een lijst welke aan de klant/gast, desnodig op diens ver­zoek, wordt over­handigd. Wijzigingen in het BTW-tarief worden te allen tijde aan de klant doorberekend.

Een lijst wordt geacht voor de gast zichtbaar aange­bracht te zijn indien deze zichtbaar is in de nor­maal toegankelijke ruimten van het horecabe­drijf.

Voor bijzondere diensten, zoals het gebruik van gar­de­robe, garage, safe, bewassing, telefoon, telex, t.v.­-huur e.d. kan door het horecabedrijf een extra vergoe­ding worden gevorderd.

14.4 Alle rekeningen, daaronder mede begrepen rekeningen ter­zake annulering of no-show, zijn door de klant en/of gast verschuldigd op het moment dat ze aan hem wor­den gepre­senteerd. De klant dient voor con­tante be­taling zorg te dragen tenzij schriftelijk anders is overeenge­komen of tenzij anders wordt overeen­ge­ko­men.

14.5 Wanneer voor een rekening voor een lager bedrag dan e 150,- krachtens het bepaalde in het vierde lid een factuur wordt gezonden dan kan het horeca­bedrijf daarenboven e 15,- aan administratie­kosten in reke­ning bren­gen. Op dat bedrag is het bepaalde in dit artikel van overeenkomstige toepas­sing.

14.6 De gast en de klant zijn hoofdelijk aansprakelijk voor alle bedragen welke één van hen of beiden aan het hore­cabedrijf uit welken hoofde ook verschul­digd zijn. Geen van hen kan zich beroepen op enig voor­recht van uitwin­ning. Horecaovereenkomsten worden behoudens andersluidend beding geacht mede namens elke gast gesloten te zijn. Door te verschijnen geeft de gast te kennen dat de klant bevoegd was hem bij het sluiten van de betreffende horecaovereenkomst te vertegen­woordigen.

14.7 Zolang de gast en/of klant niet geheel aan al zijn ver­plich­tingen jegens het horecabedrijf heeft vol­daan is het horecabedrijf gerechtigd om alle goede­ren welke door de gast en/of klant in het horecabedrijf zijn meegebracht onder zich te nemen en te houden, totdat de gast en/of klant ten genoegen van het horecabedrijf aan al zijn ver­plich­tingen je­gens het horecabedrijf heeft vol­daan. Naast een retentierecht komt het hore­cabedrijf in voorkomend geval een pandrecht toe op de betreffende goederen.

14.8 Indien andere dan contante betaling is overeengekomen dienen alle facturen, voor welk bedrag ook, door de klant binnen veertien dagen na factuurdatum aan het horecabedrijf te worden voldaan. Indien een factuur wordt gezonden is het horecabedrijf te allen tijde bevoegd een kredietbeperkingstoeslag van 2% van het factuurbedrag in rekening te brengen, welke vervalt indien de klant de factuur binnen veertien dagen vol­doet.

14.9 Indien en voor zover tijdige betaling ach­terwege blijft is de klant in gebreke zonder dat enige inge­brekestel­ling zal zijn vereist.

14.10 Indien de klant in gebreke is dient hij aan het ho­recabedrijf alle op de inning vallende kosten te ver­goeden, gerechtelijke zowel als buitengerechte­lijke. De buitengerechtelijke inningskosten worden gesteld op minimaal 15% van de verschuldigde hoofd­som met een minimum van
e 100,- alles te vermeer­deren met de daarover verschul­digde B.T.W.

14.11 Daarenboven is de klant indien hij in gebreke is een bedrag aan rente ver­schul­digd welke ligt 2% boven de wettelijke rente. Een gedeelte van een maand wordt bij de berekening ­van de verschuldigde rente voor een gehele maand ge­re­kend.

14.12 Indien het horecabedrijf goederen als bedoeld in arti­kel 14.7 onder zich heeft en de klant van wie het horeca­bedrijf de goederen onder zich heeft gekre­gen gedurende drie maanden in ge­breke is, is het horeca­be­drijf gerech­tigd deze goederen publiekelijk dan wel onder­hands te verkopen en zich op de opbrengst daarvan te verhalen. De aan de verkoop verbonden kosten komen eveneens ten laste van de klant en het horecabe­drijf kan zich ook daar­voor op de op­brengst van de verkoop verha­len. Hetgeen na het verhaal van het horecabedrijf resteert wordt aan de klant uitgekeerd.

14.13 Iedere betaling zal, ongeacht enige door de klant bij die betaling geplaatste aantekening dan wel gemaak­te opmerking, worden geacht te strekken in mindering op de schuld van de klant aan het horecabedrijf in de navolgende volgorde:
1. de kosten van executie;
2. de gerechtelijke en buitengerechtelijke in­nings­kos­ten;
3. de rente;
4. de schade;
5. de hoofdsom.

14.14 Betaling geschiedt in Nederlandse courant. Indien het horeca­bedrijf buitenlandse betaalmiddelen accep­teert dan zal gelden de op het moment van betaling geldende marktkoers. Het horeca­bedrijf kan daarbij bij wijze van administratiekosten een bedrag in re­kening brengen dat overeenkomt met maximaal 10% van het be­drag dat in vreemde valuta wordt aange­boden. Het horecabe­drijf kan dit bewerk­stelligen door de gel­dende marktkoers met maximaal 10% aan te passen.

14.15 Het horecabedrijf is nimmer gehouden om cheques, giro­betaalkaarten en andere dergelijke betaalmiddelen te accepteren en kan aan acceptatie van zodanige betaal­middelen voorwaarden ver­binden. Hetzelfde geldt voor andere, hier niet genoemde betaalmiddelen.

Artikel 15 Overmacht

15.1 Als overmacht voor het horecabedrijf, die maakt dat een eventuele daardoor veroorzaakte tekortkoming het hore­cabedrijf niet kan worden toegerekend, zal gel­den iedere voor­ziene of onvoorziene, voorzienbare of on­voorzienba­re omstan­digheid die het uitvoeren van de horecaovereenkomst door het horecabedrijf zodanig bemoei­lijkt dat het uitvoeren van de horecaovereenkomst on­moge­lijk dan wel be­zwaarlijk wordt.

15.2 Onder zodanige omstandigheden worden mede verstaan zo­danige omstandigheden bij personen en/of dien­sten en/of instellingen waarvan het horecabedrijf gebruik wenst te maken bij het uit­voeren van de horecaovereenkomst, als­mede alles wat voor voor­noemden als over­macht of op­schortende dan wel ontbindende voor­waarde geldt, alsmede wanprestatie van voornoemden.

15.2 Indien een der partijen bij een horecaovereenkomst niet in staat is om aan enige verplichting uit die horecaovereenkomst te voldoen, is hij gehouden de ande­re partij hiervan zo spoedig mogelijk in kennis te stel­len.

Artikel 16 Gevonden voorwerpen

16.1 In het gebouw en zijn aanhorigheden van het horeca­be­drijf verloren of achtergelaten voorwer­pen, welke door de gast worden ge­vonden, dienen door deze met bekwame spoed bij het horecabedrijf te worden ingeleverd.

16.2 Van voorwerpen, waarvan de rechthebbende zich niet binnen een jaar na de inlevering daarvan bij het hore­cabedrijf heeft gemeld, verkrijgt het horecabe­drijf de eigendom.

16.3 Indien het horecabedrijf door de gast achtergelaten voorwerpen aan deze toezendt geschiedt zulks geheel voor rekening en risico van de gast. Het horecabedrijf is nimmer tot toezending verplicht.

Artikel 17 Kurkengeld

17.1 Indien de gast en/of klant in de ruimten van een hore­cabedrijf drank nuttigt die niet door dat hore­cabe­drijf verstrekt is, is de klant per genuttigde fles een bedrag aan kurkengeld verschuldigd.

17.2 Indien de gast en/of klant in de ruimten van een hore­cabedrijf spijzen nuttigt die niet door dat ho­recabe­drijf verstrekt zijn, is de klant terzake een bedrag aan keukengeld verschuldigd.

17.3 De in de artikelen 17.1 en 17.2 bedoelde bedragen worden vooraf overeengekomen dan wel, bij gebreke van voorafgaande overeenkomst, in redelijkheid vast­gesteld door het horecabedrijf.

Artikel 18 Toepasselijk recht en geschillen

Op horecaovereenkomsten is bij uitsluiting Neder­lands recht van toepassing.

18.2 Ingeval van geschillen tussen het horecabedrijf en een klant (niet zijnde een natuurlijk persoon, die niet handelt in de uitoefening van een beroep of bedrijf) is bij uitsluiting bevoegd de bevoegde rechter in de woon­plaats van het horecabedrijf, ten­zij krachtens dwingen­de wetsbepaling een andere rechter bevoegd is en onverminderd de bevoegdheid van het horecabedrijf het geschil te doen beslechten door de rechter die bij gebreke van dit beding bevoegd zou zijn.

18.3 Indien en zodra onder auspiciën van Koninklijk Horeca Nederland en eventue­le andere betrokken organisaties een ge­schillencommis­sie in het leven is geroepen, zullen de geschillen ter beslechting waarvan de ge­schillencom­missie is inge­steld overeenkomstig de ter­zake opge­stelde reglementen worden beslecht.

18.4 Alle vorderingen van de klant verjaren na verloop van een jaar na het moment waarop zij zijn ontstaan.

18.5 De ongeldigheid van één of meer van de bedingen in deze algemene voorwaarden laat de geldigheid van alle andere bedingen onverlet. Blijkt een beding in deze algemene voorwaarden om enigerlei reden ongel­dig, dan worden partijen geacht een geldig vervan­gend beding overeenge­komen te zijn dat het ongeldige beding naar strekking en reikwijdte zoveel mogelijk benadert.

September 1998